SMILE !

smile

Ach, ach, ach. We móeten altijd maar zoveel. En we mógen zo weinig. Als je de meesten tegenwoordig mag geloven dan heb je het uitsluitend aan jezelf te danken als je doodziek wordt.
Als je maar genoeg blauwe bessen met sesamzaad en Chia plakkerigheid naar binnen werkt, elke dag een marathon loopt, Spa Rood drinkt en niet rookt, alléén maar biologisch eet,  vaker vis eet, geen varkensvlees eet en voorál positief denkt, dan komt het wel goed met je en wordt je 200 jaar oud. Minstens.

Natuurlijk worden we geen 200. Maar dat onze levensstijl zó veel invloed op onze ziekten heeft is nog maar de vraag. Dat een flink overgewicht ongezond is, is een simpel feit dat jij en ik zélf kunnen bedenken. Je belast je lichaam dan teveel, het moet te hard werken.  Als je teveel drinkt gebeurt hetzelfde. Als je rookt onttrek je vitaminen en zuurstof aan je lichaam. En zo zijn er nog wat simpele feitjes waar je geen wetenschapper voor hoeft te zijn om ze te bedenken. Je vóelt het meestal al zélf. Maar verder is het één grote wirwar van gegevens, waarvan vele nog onderzocht moeten worden om het écht zeker te weten.

Je kunt  hoe dan óók tóch als slank mens doodziek worden als je je hele leven geen sigaret of alcoholisch drankje hebt aangeraakt en uitsluitend biologisch en vegetarisch hebt gegeten.  Dan ging er op micro niveau iets mis met het kopiëren van je DNA, zat er weer één of ander eiwitje dwars en kwam niet terecht waar het had moeten zijn. Dan had je misschien een aangeboren gendefect, liet je teveel zon op je toch al gevoelige huid schijnen, je kunt het zo gek niet bedenken of het kan mis gaan. Gewoon omdat je lichaam een zéér gecompliceerde machine is. Met zó veel processen dat het niet gék is dat er eens een keer een proces mis gaat. Met soms héle ernstige gevolgen waar jij helemaal niets aan kon doen.

Natuurlijk doe je je lichaam een plezier als je probeert gezond te leven. Je geeft het wat grondstoffen om in tijden van nood meer weerstand te hebben. Maar daar houdt het bij op. Het is geen garantie dat je niet ziek zult worden.

Het is volgens mij een stuk handiger om gewoon terwijl je leeft niet alsmaar bezig te zijn met hoe je je dood of ziekte kunt voorkomen. Maar vooral van dat leven te genieten terwijl je het hebt.
Waarom? Bedenk eens hoe je je voelde toen je voor de laatste keer tot over je oren verliefd was. Wat was je blij,  je kon de hele wereld aan. Energie voor tien had je. Blijdschap is dus goed voor je.
Dus nee, ik  bedoel niet dat je genieten gelijk moet stellen aan alsmaar junk food naar binnen werken en jezelf regelmatig klem zuipen. Dat is niet “van het LEVEN genieten”. Dat is kortstondig plezier (en dus soms “troost”) en niet iets waar je je op de lange termijn fijn bij gaat voelen. Je lijf geeft vanzelf wel aan wanneer het tijd is voor aandacht.

Zeg nu zelf, het hebben van een enorme kater is niet “genieten”.  En als je élke keer dat je het beregezellig hebt gehad moet bekopen met zo’n kater dan wordt het misschien tijd om een manier te vinden dat je het zowel gezellig kunt hebben maar ook daarná nog geniet van het leven.

Je fit voelen en meer energie hebben is wél genieten. En waardoor jij jezelf fitter voelt, dát weet jij uit ervaring het beste. Je bent je eigen testcase. Luister naar je lijf.

Ik geloof écht dat het allergezondste is dat je ervoor zorgt (zo lang dat kán) dat je vaker moet glimlachen dan niet. Dat je vaker blij bent dan niet. Hóe je dat doet, dat weet jij zélf het beste. SMILE !

PS.  Ik maak tegenwoordig dagelijks een smoothie voor mij en mijn vriend omdat het een fijne manier is om veel fruit te eten. Fruit dat ik vaak op zichzelf niet écht lekker vind maar in zo’n combinatie en textuur wél. Ik heb het zeg maar bij de routine ingelast. Het móet gewoon van mezelf, want ik voel me er goed bij en hij ook. Geen wondermiddel, geen vervanging,  maar simpelweg: “verzorging”.

RECEPT: (voor twee personen)

Twee kiwi’s, 1 avocado, 1 banaan, 1 peer. Schillen en in stukjes snijden. Doe alles in een mix kom (bijvoorbeeld voor staafmixer). Twee sinaasappels uitpersen en het sap met het overgebleven vruchtvlees (zonder pitjes) erbij doen. Alles pureren.

Aankleding

aankleding

Velen van ons gaan de deur niet uit zonder ons “op te doffen”. Waarbij men dan vaak ook nog de “oneffenheden” met de meest geschikte (en vaak enige) outfit en de nodige smeersels probeert te verhullen. Na een vermoeiende sessie van minimaal een uur zit het haar dan nog steeds niet helemaal perfect, maar vooruit, het moet maar, en het waait tóch buiten. Nog even een geurtje op om vervolgens in de muffe bus, trein of auto te gaan zitten. Dat alles doet men ten behoeve van de ogen en neuzen van anderen.

Hetzelfde wegwerken van imperfecties geldt voor bezoek. Op het moment dat die zich heeft aangekondigd gaat men ineens opruimen, poetsen en stofzuigen en slooft zich uren in de keuken uit. Wederom: voor ánderen.

De vraag is hier: wáárom alleen voor anderen?

Het contrast is vaak groot, zeker bij alleenstaanden die niet goed in hun vel zitten. Alleen thuis gaat men in het trouwe huispakje met het bord op schoot voor de TV zitten eten, vaak een kant-en-klaar maaltijd.
Het pakje bestaat uit een rafelig T-shirt en een uitgelubberde joggingbroek dat pas de was in gaat als het dreigt te gaan meuren. Om maar niet te spreken van de ergerlijke stofvlokken die in het eten dreigen te verzanden of onder de blote voetzolen vastplakken. Als je alleen bent, dan móet je niks, alleen maar van jezelf. En je had tóch al zo weinig energie.

Maar het gékke is, dat soort lamlendigheid slurpt nu juist nog méér energie.

Het is paradoxaal.
Anderen confronteert men liever niet met onverzorgde uiterlijkheden die de bewijzen zijn van een gebrek van aandacht voor jezelf en je omgeving. Maar men heeft er geen enkel probleem mee zichzelf daarmee regelmatig op te zadelen.

Er was een bepaald moment in mijn leven waar mijn zelfbeeld zo ongeveer rock-bottom had bereikt. Daar zit een hele historie achter die ik jullie zal besparen. Die is verder niet interessant nu.

Wat wél interessant is, dat is hetgeen de psychiater zei bij wie ik toen aanklopte. Dat was tijdens mijn scheiding.
Ik had een nieuw impuls nodig, een nieuwe input, een andere zienswijze, een inspirerende stem in een holle leegte die mij gevangen hield. Die bleek hij te kunnen zijn.

Deze man gaf mij in hele korte tijd (we hadden niet veel sessies nodig) zó veel mee dat er al heel snel een nieuwe wereld voor me openging. De wereld van: “jij mag net zo als anderen zijn zoals je bent” in tegenstelling tot “je moet altijd rekening houden met anderen” . De wereld van: “je moet anderen niet over jezelf laten oordelen en dat je zelfbeeld laten bepalen” als aansluiting op “ je legt anderen toch óók niets op. Sterker nog, je stelt blijkbaar hún mening voorop! Waarom niet je eigen mening vooropstellen, zoals je hén dat óók gunt?”

Binnen die context had hij een bijzonder zinnig advies.

“Als jij straks alleen gaat wonen dan valt een groot deel weg van je leven, namelijk het verzorgen van anderen. Zorg er dan voor dat je huis altijd schoon en op orde is. Zodat JIJ er zélf plezier van hebt en je prettig voelt in je thuishaven, je rustpunt.
Als je kookt, kook dan voor jezelf alsof je voor de koningin zou koken, alsof zij op bezoek komt. Maak het gezellig voor jezelf, zorg dat je je op je gemak voelt met jezelf, verwen jezelf, behandel jezelf met respect.”

Het is een waarheid als een koe. Als jij je eigen leefruimte op orde houdt slechts om anderen te kunnen ontvangen op een manier zodat ZIJ zich prettig voelen, dan vergeet je jezelf. JIJ bent degene die denkt dat een schoon huis fijn is om in te zijn want je poetst je lam voor anderen.  Waarom zou je dat dan niet voor jezelf doen?

Als jij alleen maar lekker kookt, de tafel mooi en aantrekkelijk dekt, omdat je mensen hebt uitgenodigd om samen te eten, dan vergeet je jezelf. Er is namelijk geen enkele reden om dat niet ook voor jezelf te doen, in je eentje. Iedereen vindt het fijn als er lekker voor je wordt gekookt, dus jij zélf ook! En kom nu niet met: “daar heb ik doorgaans geen tijd voor”. Als je een afspraak met anderen in je agenda kunt zetten kun je die ook voor jezelf maken.

Net zo: Doe iets aan omdat je je daar zélf prettig of mooi in voelt. Dat mag ook best een huispakje zijn overigens.

Er is natuurlijk op zich niets mis met op de bank zitten in je huispakje en een kant en klaar maaltijd wegwerken. Alleen of met anderen. Misschien geniet je daar wel intens van.  Verwen je jezelf daarmee. It’s up to you.

Het hóeft niet, al die moeite doen voor jezelf als je alleen bent, maar het moet niet zo zijn dat je het láát omdat je denkt dat jijzelf niet genoeg reden bent om dat te gaan doen. Een mindere prioriteit.

Dát is nu precies waar dit over gaat. Je zou niet je mindere prioriteit moeten zijn maar je éérste. En om jezelf dát gevoel mee te geven, dat jij je eerste prioriteit bent, moet je jezelf ook zo gaan behandelen.

Het is simpel: ALS je iets doet, doe het dan omdat je er zélf in gelooft en er zélf plezier aan beleeft. Ongeacht met wie je het deelt. Je mág en kán de moeite die je doet écht ook gewoon alleen maar met jezelf delen.

Wat je ook doet, zorg goed voor jezelf. Zoals je ook voor anderen zou zorgen.

P.S. De keukenspullen op de foto heb ik van een lieve vriendin gekregen die in moeilijke tijden een hele grote steun is geweest en nog steeds is. Ik kijk er elke dag met veel plezier naar en denk daarbij aan haar. Ze hangen op een prominente plek in mijn altijd schone keuken, ik gebruik ze niet. Ze zijn een aankleding met één doel:
ze maken mij blíj en herinneren me eraan wat ik heb overwonnen.

Evenwicht

evenwicht
© Vera Leimann

 

18 januari 2016

Als dag en nacht even lang zijn, bij de eerste equinox in het jaar (20 of 21 maart), begint bij ons op het noordelijk halfrond de astronomische lente. De tweede equinox van een jaar vindt plaatst op 22 of 23 september en luidt bij ons de astronomische herfst in.

In het Latijn heet dit aequinoctium wat “gelijke nacht” betekent. Men noemt het ook wel “dag en nachtevening”.

Sommige paganisten vieren de lente equinox als begin van het nieuwe jaar. Het feest is tevens hun eerbetoon aan de vruchtbaarheidsgodin Ostara (Eostre). De haas en het ei zijn vruchtbaarheidssymbolen die met haar geassocieerd worden. Onduidelijk is of ze vroeger ook écht een door heidenen aanbeden godin is geweest.

Maar met of zonder godin, het vieren ervan heeft wel wat. De twee dagen in het jaar dat donker en licht in evenwicht zijn, zijn tevens dagen die het begin zijn van een groter evenwicht, een natuurlijke wetmatigheid. Opbloeien, groeien, energie en levenskracht opslaan in het licht. Rusten en krachten sparen in de donkere dagen. Om daarna weer herboren te worden.

Dat geldt ook voor ons.

RECEPT: (6 à 8 personen)

Groentesoep met gehaktballetjes

Snijd drie paprika’s, 1 courgette en een bakje sugarsnaps in stukjes. Breek een half pak goede (durum tarwe) spaghetti in stukjes en zet apart in een kommetje. Dat is lekkerder dan gewone vermicelli. Maak 1,5 liter paddenstoelenbouillon (blokjes). Neem een ruime pan.

Voeg achtereenvolgens sugarsnaps, paprika’s en courgette toe aan de bouillon als die kookt. Wacht elke keer totdat de bouillon weer kookt, voordat je de volgende groente toevoegt. Na de courgette het vuur UITzetten, deksel op de pan en zo laten staan.

Neem een pond rundergehakt, voeg daar een uitgeperste middelgrote ui, twee teentjes geperste knoflook en een ei aan toe. Zout en versgemalen peper erover en bestrooi het met een laag paneermeel. Meng alles goed door tot een stevig “deeg”. Rol hier kleine soepballetjes van.

Breng ¾ liter bouillon (met 1 blokje) in een apart pannetje aan de kook en gaar daar de balletjes in. Doe dit in meerdere porties en schep de balletjes er telkens met een schuimlepel uit zo gauw ze boven komen drijven. Zet apart in een kom. Doe nu de gebroken spaghetti in de bouillon en kook die gaar. Het vocht zal nu bijna volledig zijn opgenomen. Doe de spaghetti en de gehaktballetjes in de soep en warm alles vóór het opdienen nog een keer goed door. Niet meer laten koken.

 

Hoe super is superfood?

superfood
We worden gebombardeerd met allerlei meldingen over voedingsmiddelen die onze gezondheid zouden moeten garanderen. Daar zit vaak een kern van waarheid in, in zoverre dat de stoffen die er inzitten tot nu toe bewezen goed voor ons zijn. Althans in de pure, onbewerkte vorm waarin deze voedingsmiddelen  ooit onderzocht werden.
Allemaal leuk en aardig, maar het vervelende is dat het dan gelijk weer een hype wordt die op haar beurt weer commercie wordt. Waardoor je dus, zoals bij álles wat commercieel wordt aangeboden, moet opletten of je ook wel daadwerkelijk nog wel consumeert wat je dénkt te consumeren. En dat is vaak niet zo.
Want men wil geld verdienen en men maalt er niet om of ú en ik er dan ook écht bij gebaat zijn. Als het maar gezond klinkt wat er op de verpakking staat verkoopt het wel. Groen labeltje dat verder niets betekent, kreten waar het woord eko in verwerkt zit maar die verder net zo min iets betekenen, puur natuur repen die desondanks bomvol suiker en ongezonde vetten zitten,  het woord ambachtelijk dat niks zegt over wat u daadwerkelijk eet maar u iets van duurzaamheid moet doen voelen, ach u kent het wel. Er zit altijd wel een addertje onder het gras.

Wat u gretig koopt is dan vaak duurder dan een vergelijkbaar product zonder stickertje, maar óók dát is vaak een kunstgreep. Want u moet geloven dat, als u iets méér uitgeeft ten bate van uw gezondheid, dat u iets goeds doet.  Duurder is béter. Uw gezondheid is toch alles waard?

Dan verzint de aanbieder van alles om zoveel mogelijk winst te maken. Men ziet een markt en men probeert u op allerlei manieren te doen geloven dat goedkoop geproduceerde minderwaardige voedingsmiddelen goed voor u zijn.  Dan trapt u er vast wel in en koopt en koopt en koopt. Ingrediënten lezen en uitzoeken wat die betekenen? Of u écht wáár voor uw geld krijgt? Nee, dat dóet u niet (tenzij u al ernstig ziek bent en wel móet). En dat wéét men.

Inmiddels heeft men u ook al wijs kunnen maken dat uw gezondheid voornamelijk uw eigen verantwoordelijkheid is en niet een kansspel van dingen die in uw lichaam kunnen gebeuren waar u helemaal niets over te zeggen heeft. U kunt genetisch belast zijn, uw leefomgeving kan uw gezondheid negatief beïnvloeden, er kan van álles buiten uw persoonlijke leefstijl om zijn dat u zomaar ziek maakt. Dan helpt niks om dat te voorkomen en dus ook superfood helpt dan niet.
U kunt één en ander positief beïnvloeden door vooral genoeg te bewegen en verstandig (met mate en gevarieerd) te eten en te drinken, maar méér dan dat kunt u niet doen. Superfood is geen wondermiddel. Het is gewoon voeding. Met positieve eigenschappen. Zoals zo veel voedingsmiddelen waar men doorgaans te lui voor is om die bewust te selecteren, of zélf klaar te maken in plaats van kant en klaar en op allerlei manier bewerkt ongecontroleerd naar binnen te werken. Net zoals men doorgaans te lui is om überhaupt labels te lezen en te proberen te achterhalen wat men zoal naar binnen werkt.

Dan helpt superfood óók niet, om de schade achteraf in te halen.

Heeft u ooit superfood in ziekenhuizen op het menu zien staan  trouwens? Mijn vriend en ik in ieder geval niet. Dat is dan toch raar als het écht zo geweldig is?  Sterker nog, het “gewone” eten is er doorgaans al abominabel en komt, zo heb ik me laten vertellen,  hier in de buurt van een cateraar die ook vliegtuigmaaltijden verzorgt. Maar daar heb ik het wel een andere keer over.

Laat u dus niet misleiden door allerlei beloftes. Geloof het niet zomaar als een instantie zegt dat zij goed bezig is voor uw gezondheid, het milieu of dierenwelzijn, of welk ander goed doel ook .  Supermarkt, restaurant  of cateraar, ze zijn allemaal bedrijven die willen blijven runnen. Dat betekent winst maken. Winst maken kan maar op één manier. Weinig uitgeven en veel omzet draaien. Dus als men u stront als wondermiddel verkoopt is dat alleen maar logisch.

Blijf nadenken, zoek dingen uit en beslis verstandig als je voeding al belangrijk vindt. Vind je dat niet, dan hoef je ook geen superfood te kopen.  De McDonalds is vast ook wel bij u om de hoek te vinden. Daar kunt u nog een poosje langer op uw krent zitten dan u vandaag al urenlang deed.

Ik schreef vandaag trouwens een mail aan de Consumentenbond, aan de afdeling “opmerkelijk”.  Meer voor de gein, maar natuurlijk zijn ook cranberry’s in de schappen niet zo super als ze lijken. Dit was de mail:

“Geachte heer/mevrouw,

cranberries

Hierboven ziet u twee zakken cranberry’s die ik vandaag bij de AH heb gekocht. Beiden bevatten 250 gram gedroogde cranberry’s. De chique versie ligt in dit filiaal bij de Zonnatura producten en kost 2,89 Euro. De normale ligt bij de rozijnen en andere gedroogde vruchten en kost 2,69 Euro.

De voorkant iets beter bekijkend komen we tot de conclusie dat rekensommen al best moeilijk zijn:

cranberries_voor

De ene keer levert 365 kcal namelijk 1550 kJ op, de andere keer maar 1545 kJ. En tja, 91 kcal (portie) x 5 (schaaltje) = 455 kcal en zou dan  1950 kJ (390 x 5) moeten zijn ipv 1930 kJ als we de berekening op de chique verpakking aanhouden.  Maar ach, die paar kJ, wie maalt daarom. Wat we voorzichtig kunnen concluderen dat de besjes dezelfde energiewaarde hebben, qua kcal, (wat logisch zou zijn, het zijn gedroogde cranberry’s) dus waarom moeten we voor de ene zak meer betalen dan voor de ander met hetzelfde gewicht? Zou er dan tóch verschil inzitten?  Op de achterkant wordt het dan pas écht interessant:

cranberries_achter

Ten eerste zien we dat spelling ook nog moeilijk is. Waar op de voorkant van de zakken cranberries staan, zien we op de achterkant cranberry’s. Nu is nog de vraag wat in de zakken zit.
We zien op allebei de verpakkingen staan dat de gedroogde cranberry’s met ananassiroop gezoet zijn. Kan ik me in principe voorstellen, want ongezoet zijn de bessen best zuur.
Maar er is iets raars aan de hand. De voedingswaarden en inhoud (gewicht) van beide zakken zijn exact hetzelfde. maar……. de ingrediënten niet. De chique versie bevat volgens de verpakking 68% ananassiroop, 30% cranberry, ananassapconcentraat en zonnebloemolie (samen 2%). De normale versie bevat daarentegen 60% cranberry, 37% ananassiroop. ananassapconcentraat en zonnebloemolie (samen 3%).   Behalve deze discrepantie in ingrediënten en prijs (ik betaalde dus praktisch meer voor minder cranberry gehalte)  vraag ik me sowieso ook af wat zoveel ananassiroop in gedroogde cranberry’s doet, of dat nu 68% is of 37%.   Ik wil cranberry’s en geen ananas.  Pompen ze die bessen vól met siroop? En wat zijn de ingrediënten van ananassiroop? En wat doet zonnebloemolie hier?

Hoe dan ook, ik wens u allen een prettig uiteinde en raad iedereen aan cranberry’s alleen maar vers te kopen en zélf te drogen. Da’s pas superfood. Dan wéét men in ieder geval wat men per besje in de mond stopt, al is íe dan zuur.  Handig om daarbij in deze tijden een glas champagne (of twee, of méér) klaar te zetten om de eventuele onwillekeurige samentrekking van allerlei mond en tongspieren weer te relaxen. Goed excuus toch?

Met hartelijke groet,
Vera Leimann

PS Voor de compleetheid heb ik beide zakken met inhoud nog gewogen. De chique weegt 257 gram, de normale 253 gram. Dat kan aan het verpakkingsmateriaal liggen.

PPS Ik heb de besjes niet geteld. De rosé d’Ánjou die ik bij de cranberry’s kocht (zie bon) begon zijn werking te doen….

PPPS: bevat rosé óók antioxidanten?”

Om melig van te worden. Dat was ik dus ook toen ik de mail schreef.

RECEPT:
Als je het belangrijk vindt wat je eet, eet dan zo vers mogelijk. Koop verse ingrediënten en maak die zélf klaar. Als je weinig tijd hebt kook dan een grotere hoeveelheid als je wél tijd hebt en vries de rest in. Wees niet bang om zélf te koken. Mislukt het een keer, dan lukt het de volgende keer beter.

Tragedie als farce

tragedie_als_farce.jpg

24 december 2015

Ik heb er natuurlijk niets op tegen dat mensen aan anderen dénken en geloven dat de extra bijdrage die ze dan leveren óók daar terechtkomt waar die voor bedoeld was (wat soms zo is, maar vaak ook niet). Alle kleine beetjes helpen (hopelijk) niet waar? Dus ja, waarom zou je het dan niet doen? En de kersttijd, die blijkbaar als een soort symbool van (plotselinge?) menselijkheid en inlevingsvermogen staat, aangrijpen om iets te willen doen.

Ik worstel daarmee, want vaak is héél veel goed bedoeld en vind ik het lastig om daar iets negatiefs van te zeggen. Maar het klopt niet. Sterker nog, het is vaak uiteindelijk zelfs schadelijk. Wie dat wil begrijpen moet maar eens naar deze kunstige door RSAnimate in beeld gebrachte rede van de filosoof Slavoj Žižek kijken: First as tragedy, then as farce.

Daarbij, waar ik óók een beetje moedeloos van word is dat men de rest van het jaar schijnbaar het liefst de ogen sluit, tenzij er dan tóch weer een verschrikkelijk beeld langskomt van een verdronken jongetje, of andere beelden die dan heel tijdelijk even raken. Maar waarom alleen dán? Waarom daarna dan direct weer die vermoeidheid op social media en elders, als ellendig bericht na ellendig bericht achter elkaar opduikt. Dan kunnen we er weer niet meer tegen, want het is zó slecht in de wereld en daar willen we dan liever weer niet mee geconfronteerd worden blijkbaar. En sluiten ons af. Want we kunnen dan alleen maar huilen (ik twijfel níet aan de emoties, voor de duidelijkheid). En dát willen we niet alsmaar blijkbaar, want dan kunnen we niet door met ons normale leven?

Behalve tijdens de kerst, mits het allemaal goed aangekleed wordt. Dan willen we wel een traantje laten, zo nodig in het openbaar. Ik vind het prima om dat dán te doen, maar nog steeds, waaróm alléén dan? Of beter, voornamelijk dan?

En wáárom dat waanidee dat verschrikkelijke beelden van misstanden elders in de wereld niet getoond mogen worden, want je zou mensen met slechte bedoelingen daarmee een platform geven? Terwijl verontwaardiging nu juíst ontstaat áls men beelden te zien krijgt (of beter nog, het aan den lijve ondervindt) van de heftigheid van de misstanden. Die verontwaardiging, die boosheid die dan ontstaat, is nódig. Anders verandert er niets. (lees voor de context: Licht.  ).

In deze dagen doen we dan de ogen op een kiertje, maar dan wél tussen de bedrijven door. Want wat vóóral stress oplevert (als je de gezichtsuitdrukkingen van de gejaagde mensen in de winkelstraten mag geloven) is of het kerstdiner wel op orde is. Niks mis mee op zich, maar hoe staan zaken hier in verhouding tot elkaar?

Anyway, wat ik maar wil zeggen is dit: het béste dat je kunt doen, als je écht begaan bent met je medemens, overál, en dus óók je buurman of vrouw, is je ogen wijd open te houden. Dat wil zeggen dat je dieper moet gaan, moet wíllen zien, moet wíllen lezen, vergelijken, afwegen, niet zomaar alles geloven, tijd en energie moet investeren om door te kunnen krijgen wat er zoal speelt in deze wereld. Zodat je erachter kunt komen wáár je voornamelijk en het meest efficiënt iets zou kunnen betekenen als je dingen ten goede wilt keren. En dat begint al bij de stembus.

En nee, ik zeg niet dat ik het allemaal goed doe, sterker nog, ik wéét dat ik het niet goed doe. Maar ik wéét het in ieder geval wél. Dat is een begin voor verbetering. Daarom hebben we mensen nodig die de vinger op de zere pols blijven leggen.

RECEPT:

Pel een mandarijn en eet hem op. Wacht daar niet te lang mee. Mocht hij zuur smaken of een kunstmatig bijsmaakje hebben, dan kan ik daar ook niets aan doen. Ik kan niet alle mandarijnen in deze wereld overzien. Dan zal het onprettige smaakje wel een reden hebben en moeten jullie er persoonlijk achterkomen hoe dat zo heeft kunnen zijn.

Licht

licht.jpg

18 december 2015

Zo’n twee jaar geleden zat ik op een terras met bewogen stemverheffing af te geven op diegenen in wie ik op dat moment de personificatie van het kwaad in één van de vele door ellende geteisterde uithoeken van de wereld zag. Toen ik klaar was met mijn relaas werd me met een goedbedoeld,  maar voor mij op dat moment nogal onaangenaam voelend,  schouderklopje halfdronken toegemompeld: “maak je toch niet zo druk. Relax!”

Dat was genoeg. Ik barstte in tranen uit en beet terug: “maak je toch niet zo druk? Maak je toch niet zo druk? Jezus, juist omdat NIEMAND zich nog ook maar ergens druk over maakt behalve zijn eigen kleine wereldje verandert er verdomme geen ruk in deze wereld!”
Na de nodige teneergeslagen blikken en pijnlijke stiltes zei iemand: “ja maar, je kunt het zélf toch niet oplossen, wat dáár gebeurt?”
“Daarom juist” snikte ik, zweeg daarna nog een tijdje en ging enigszins verontwaardigd naar huis

Natuurlijk begreep ik, eenmaal thuis, nadat ik wat theelichtjes had aangestoken en mijn kopje troostthee had gedronken dat men niet zat te wachten op mijn relaas. Men was gezellig uitgegaan voor de nodige ontspanning en daar was ik ineens met mijn wereldproblemen. Lekker dan.
Ik probeerde dit voorval met de bijbehorende schuldgevoelens zo snel mogelijk te vergeten.

Maar het liet zich niet vergeten en bleef maar knagen. Elk Facebook bericht dat ik plaatste, over welke oorlog of andere misstanden dan ook, maakte een schuldgevoel in me los. Het gevoel mensen lastig te vallen. Dat gevoel werd nog versterkt doordat mensen telkens maar bleven zeggen dat ze Facebook, Twitter, het nieuws, de krant, weet ik wat, soms tijdelijk uitzetten omdat ze even niet meer tegen “al die ellende” konden. Ik begon dingen te doseren. Bewuster leuke berichtjes, humor en neutrale wetenswaardigheden af te wisselen met ellendige berichten. Om er maar zeker van te zijn dat ik mijn bereik zou blijven behouden.

Vanochtend, toen ik in de zachte armen van mijn doodzieke vriend wakker lag te worden, daagde me iets. Hier lag hij vredig en in goede doen, want hij was weer bijgekomen van de laatste behandeling en had nog eventjes voordat hij de volgende moest ondergaan. Met zijn angsten, zijn gekwelde lijf, zijn onzekere toekomst gaf hij mij één van zijn mooiste glimlachen terwijl ik bezig was mijn inzicht van die ochtend uit de doeken te doen.

Toch voelde ik me deze keer niet schuldig dat ik zo tegen hem aanpraatte. Ik wist immers dat hij inmiddels kon weten wat hij aan me heeft, dat ik álles wat ik maar kán doen om het makkelijker voor hem te maken ook zál doen, ondanks het feit dat mijn hoofd ook druk is met andere dingen ver weg van hier. Dat het feit dat ik over werelddingen raas niet betekent dat ik hém niet zie. Dat ik de kleine dingen in het leven waardeer en de mooie dingen in deze wereld nét zo waarneem als ik alle ellende kan zien. Mooie dingen die me sterken en nieuwe energie geven om de minder mooie dingen aan te kunnen.
En tóch wilde ik me verantwoorden, omdat hij ondanks zijn eigen harde werkelijkheid naar mijn ver-weg dingen luisterde en ik de behoefte had hem te vertellen waaróm ik het zo waardeer dat hij luistert, zéker in zijn situatie, wat me nog meer van hem doet houden dan ik al deed.

Ik vertelde hem dus waaróm die episode op dat terras me niet losliet.
Ik kán niet wegkijken en ik kán het niet laten om anderen proberen ertoe te bewegen óók niet weg te kijken. Ik realiseer me dat ik zo goed als niets doe om het lijden van anderen in deze wereld te stoppen. Ik voel me daar dagelijks schuldig, machteloos, egoïstisch door. Maar is dat een reden om dan maar mijn ogen te sluiten en het los te laten? Nee.

Misschien is het wel nódig dat we uiteindelijk door te blíjven zíen wat er gebeurt zó gefrustreerd en boos en verongelijkt worden dat we niet anders kúnnen dan in actie te komen. Revoluties gebeuren dáár waar mensen eenvoudigweg niet de luxe hebben om wég te kijken. Waar ze dagelijks met de neus op zulke keiharde feiten worden gedrukt dat ze niet anders kúnnen dan actief in opstand te komen.

Wegkijken voelt voor mij als een vorm van verraad. Alsof ik me omdraai als ik iemand zie verdrinken omdat ik hem om welke reden dan ook tóch niet kan helpen en het daarom ook maar laat om te roepen dat iemand uit het water gevist moet worden. Als ik wegkijk erkén ik niet eens dat de drenkeling aan het verdrinken is. Niet wegkijken is tóch het aller, allerminste dat ik kan geven? Erkenning door het openbaren van andermans leed?

Waar onze kerstlichtjes vredig branden, brandt het elders in de wereld anders. Naast jouw en mijn voordeur, maar ook verder weg. Dat willen blijven zien, de werkelijkheid van andermans leven bewust blijven zien, met de nodige emoties, dat is het kleinste cadeau dat je je medemens kunt geven. Licht. Op álles. Op liefde en dus ook op andermans leed.

RECEPT
Volgt. Ik vond de boodschap belangrijker.

Vensters

vensters
© Vera Leimann

Dit stuk heeft een maand gesudderd. Ik wist wel wat ik wilde zeggen maar niet hóe.
Na mijn scheiding heeft het zo’n drie jaar geduurd voordat ik eindelijk tot mezelf kon komen en in een compleet nieuwe en vreemde wereld mijn draai heb kunnen vinden. Niets was als vanouds, niets was meer vertrouwd. Althans dat dacht ik. Maar ik vergat iets of eigenlijk: ik vergat iemand. Mezelf! Ik was nog steeds dezelfde. Gewoon mijn eigen vertrouwde ik. En áls ik ook maar íets wilde doen aan het verhogen van mijn eigen levenskwaliteit, méér geluksmomenten dan verdriet wilde ervaren, dan moest ik dáár beginnen: bij mezelf.

Het begon ermee dat ik moest gaan begrijpen dat bijna níets mij “overkomt”. Ik zeg “bijna” niets, omdat je sommige dingen niet in de hand hebt. Je kunt er niets doen aan hoe anderen zijn, je kunt er niets aan doen als je ernstig ziek wordt, of anderen in je omgeving dat worden. Met alle consequenties vandien. Net zo kun je er niets aan doen dat onze aardbol geen ideale plek van vrede en harmonie is. Al dat lijden van mens en dier, dat ís er, en dat kun je niet wegdenken, laat staan dat je het op kunt lossen. De mechanismen erachter kun je óók niet wegdenken.

Wat je wél kunt doen is energie sparen. Je eigen rol in deze wereld bedenken (wat wíl ik en wat kán ik) en achterhalen hoeveel energie je nodig hebt om die rol te kunnen vervullen. Als dat betekent dat je af en toe je ogen moet sluiten voor muren en drempels, om op (kleiner) ander gebied wél iets te kunnen beteken, dan is dat wellicht een manier om het te doen. Een kader, een venster bepalen, waardoor je de wereld waarneemt zonder aan diezelfde waarnemingen ten onder te gaan (lees: moedeloos).

Je bent zélf je eigen venster naar de buitenwereld. Niemand anders heeft jouw ogen, jouw oren, jouw historie. Het zijn je zintuigen, je eigen levensbagage en daarmee gepaarde emotionele ladingen die deels bepalen hoe je die wereld ervaart. Als je dat weet, kun je er iets aan doen. Zélf een kleur geven aan je ervaringen.

Een ontzettend klein, onbelangrijk, huiselijk voorbeeld om dat te illustreren: In het begin van onze prille relatie had mijn vriend (met wie ik niet samenwoon, maar die een aantal dagen bij mij is) de gewoonte om na het ontbijt zijn bord, of bakje, gelijk af te wassen als hij klaar was. Ik doe dat zélf ook, altijd. Ik ben enorm visueel ingesteld, rommel verstoort mijn rust. Tegenwoordig laat hij het achter in de gootsteen, onder water, zodat etensresten niet aankoeken. Nu kan ik dat op meerder manieren ervaren. Ik zou kunnen denken: “gut, je wordt lui, onze relatie begint vormen aan te nemen waarin je het als vanzelfsprekend aanneemt dat ik dingen voor je doe (zoals dat bakje straks afwassen). En blijkbaar kan het je niet zoveel schelen dat ik zélf een bepaalde rust ervaar bij het gelijk wegwerken van “rommel” en er niet om malen. Ik zou dus verwijtend kunnen denken. Maar waarom zou ik?
Ik kan het óók ervaren als : “je voelt je inmiddels vertrouwd bij mij dat je dit zonder verder na te denken doet. Je deed dat altijd al, toen je alleen was, en nu dus ook. Je kunt dus gewoon jezelf zijn bij mij, je voelt je inmiddels thuis bij mij.” Wat dan weer het grootste compliment is dat je van iemand kunt krijgen. Vertrouwen. Een thuisgevoel bij mij.

Diezelfde vriend heeft mij een belangrijke les geleerd. Namelijk dat ik, wát ik ook ervaar, zélf inhoud geef. Door mijn eigen manier van denken en ervaren. Mijn eigen venster. Een kribbige opmerking aan jouw adres? Was dat omdat degene jou helemaal zat was of had hij/zij andere dingen aan zijn/haar hoofd? Waaróm ervaar je een opmerking als negatief of positief?

Parkeerplaats voor je neus ingepikt? Was dat omdat de persoon ik kwestie misbruik maakte van het feit dat hij nét even iets dichterbij was en er ogenschijnlijk héél egoïstisch in kon schieten, of omdat hij jou gewoon niet zág en dus niet doorhad dat jij daar ook al stond te wachten?

We weten het vaak eigenlijk niet, het motief van een ander. We kúnnen niet weten wat er in andermans hoofd omgaat, simpelweg omdat we niet diens hoofd op onze nek hébben. En dús hebben we een keuze. Dat is de macht die we hebben. We kunnen wat we ervaren zíen zoals we het zélf willen. Meestal staat de energie die het “achterhalen van een (algemene)  waarheid” kost totaal niet in verhouding tot het gebeuren zélf. Beter om van het positieve uit te gaan in die gevallen.

In het geval van de parkeerplaats kan ik wel gaan vragen of die persoon bewust de plek waar ik op stond te wachten heeft ingepikt of dat hij me niet zag. Waarschijnlijk kom ik erachter dat degene geen van beide redenen had, maar bijvoorbeeld een derde. Gewoon niet nagedacht, bijvoorbeeld. Maakt dat uit? Is het belangrijk om te achterhalen hoe iets precies zat? Nee, het maakt meestal niet uit. Want het is uiteindelijk niet belangrijk voor mijn persoonlijke geluk. En ook niet voor dat van de ander. Het zijn kleine dingen, details, waar eenieder zich wel druk om kan maken, maar waar het, áls de waarheid al aan het licht wil komen, er nog steeds geen enkel belang is bij die waarheidsvinding. Ik wéét wie ik ben en dat ik deug, en de ander staat er net zo in ten opzichte van zichzelf. De manier waarop je iets ervaart zal altijd verschillen van de manier waarop een ander het ervaart. En dus is de kleur die je aan je ervaring wilt geven uiteindelijk je eigen keuze.

Dit stukje heeft lang zitten sudderen, zoals ik al zei. Ik schreef het eerste concept bijna een maand geleden..Ik heb álle tekst meerdere malen weggehaald en opnieuw neergezet  en nóg heb ik het gevoel dat ik niet helemaal heb gezegd wat ik eigenlijk had willen zeggen. Dat zal jullie verder niet boeien, ik geef het slechts aan om te zeggen dat ik dit een lastig dingetje vind. Waarheid, vertrouwen, mate van gekleurdheid van je eigen observaties en wat is “objectiviteit” eigenlijk? Het enige dat ik zeker weet is dit.

Als ik, wat ik ook observeer, door mijn eigen venster zie met de wetenschap dat het slechts mijn eigen venster is dan wéét ik twee dingen. Ten eerste het simpele feit dat hetgeen ik concludeer uit wat ik waarneem niet altijd wáár (als in: algemeen geaccepteerde feiten) hoeft te zijn omdat ik er zélf altijd onwillekeurig een kleur aan zal geven op basis van mijn eigen denkpatronen en ervaringen. Ten tweede dat ik, als ik álles wat ik ervaar zoveel mogelijk vanuit een perspectief van vertrouwen naar mijn medemens kan doen, dat ik er zélf in ieder geval gelukkiger van word. Ik wil graag een venster van vertrouwen. Af en toe zal het me teleurstelling opleveren maar in het grote geheel word ik er gelukkiger van.
Op kleine schaal dan, zo lang er geen sprake is van bedreiging van fundamentele zaken die mijzelf betreffen of anderen met mij. Fundamentele zaken zijn bijvoorbeeld een dak boven je hoofd, genoeg te eten hebben, wéten dat jij en je dierbaren veilig zijn op allerlei manieren en enige ruimte om je leven invulling te kunnen geven zoals je dat zélf wilt. Wat op zich al véél meer is dan menigeen in deze wereld heeft.

Met de “grote” dingen is het anders. Mensen die onze wereld en levenswijze bepalen en daar zeggenschap over hebben, die moet je in de gaten houden. Daar is geen sprake van automatisch vertrouwen, want zíj hebben het voor het zeggen en dienen hun beslissingen over jóuw leven met zorg en aandacht te doen. Ze mogen dus ook kritisch en met een bepaald wantrouwen bekeken worden. Omdat je wéét dat zij door allerlei secundaire motieven gestuurd kunnen worden, net zoals jijzelf, maar daarnaast ook de macht hebben je leven en dat van anderen direct te beïnvloeden. Op kleine schaal kan in mijn energie dus sparen door dingen zo positief mogelijk te beschouwen om op grote schaal wakker te kunnen blijven.

RECEPT:

Zes paprika’s van verschillende kleuren (oogt mooi). Haal de stronkjes uit de paprika’s en schrap met een lepel de zaadlijsten eruit. Snijd een of twee extra paprika’s, een bakje champignons, een grote rode ui en drie teentjes knoflook in stukjes. Bak ui en knoflook glazig, voeg de champignons en de paprika daarna toe en laat een beetje zacht worden, voeg een half blikje gepelde tomaten (gepureerd met staafmixer) eraan toe en laat sudderen. Kruid met zwarte peper, chilipeper, zeezout, verse tijm en fijngesneden lenteui.  Kook een derde van een pakje Farro=oergraan (te verkrijgen bij AH bijvoorbeeld) volgens instructies gaar en meng het vervolgens door de groente. Meng er eventueel nog wat sambal badjak doorheen. Verwarm de oven vóór op 210 graden. Vet een ovenschaal in, zet de paprika’s rechtop erin en vul ze met het farro-groentemengsel. Zet de ovenschaal in het midden van de oven en laat 30-45 min bakken.